Eenzaamheid: dat bleek in een onderzoek onder Arendonkse zestigplussers de grootste maatschappelijke uitdaging.
17% van hen voelde zich zo eenzaam dat ze er op eigen kracht niet goed uitraakten en professionele hulp nodig hadden om die eenzaamheid de baas te kunnen.

Kleinschalig en simpel

Karine Soenen van het Sociaal Huis: “Samen met Vonk3, Thomas More Kempen, de Seniorenraad, het Arendonkse Rode Kruis en Vormingplus Kempen liep er gedurende een jaar een onderzoek rond een mogelijke aanpak en de preventie van eenzaamheid bij ouderen.
Uit de conclusies daarvan bleek dat zo’n aanpak kleinschalig en simpel moest zijn: het draaide vooral om ‘het klikken tussen mensen’, en meer dan ‘wat buurten, eens langslopen’ moest het niet zijn. Zo werd ‘(H)echt Arendonk’ geboren, als een Arendonks netwerk van mensen, jong en oud.”

Passie als aanknopingspunt

“In dat netwerk gaan we uit van de passies en de interesses van de deelnemers rond twee vragen: heb je iets aan te bieden? Of heb je iets te vragen? Die vragen en dat aanbod worden samengebracht, en zo kunnen mensen elkaar steunen. Wederkerigheid is daarbij een kernbegrip: er wordt niets geruild, er komt geen geld of alternatief muntsysteem aan te pas, enkel waardering. ”
Het draait bij (H)echt Arendonk om ‘iets voor iemand te kunnen betekenen’ en om ‘elkaar te steunen, door aanwezig te zijn, of door iemand iets te leren, of door hand- of spandiensten te leveren.’

Kleine goedheid

Karine Soenen verwijst naar de filosoof Emmanuel Levinas waar die het heeft over de ‘kleine goedheid’: ‘Het adjectief klein in de ‘kleine goedheid’ is betekenisvol en wijst op het concrete en het bescheiden karakter van de goedheid. Het gaat over een goedheid die zich in heel concrete omstandigheden van de ene mens tegenover de andere voltrekt, zonder te wachten op een organisatorische structuur die oplossingen brengt. De kleine goedheid heeft niet de pretentie een totale goedheid te zijn en zo’n structuur te vervangen. Ze wil niets oplossen maar enkel een heel concrete act van goedheid stellen ten opzichte van een welbepaalde nood van één welbepaalde Ander. “De kleine goedheid is de goedheid van de nederige mens, die in het besef van zijn eindigheid zijn hoogmoed achter zich heeft gelaten en spaarzaam hulp biedt. De kleine goedheid kiest voor een partiële, voorlopige maar reële act van barmhartigheid tegenover de unieke Ander.” (cfr. Burggraeve, 1995).

Mil: 'Ik wil iets betekenen voor anderen. Ik moet daar verder niks voor terug hebben.'

Mil: ‘Ik wil iets betekenen voor anderen. Ik moet daar verder niks voor terug hebben.’

“Een zjat koffie is genoeg”

Mil Henderieckx, vrijwilliger bij (H)echt Arendonk, deed “al vanalles: het gras afrijden, een kip geslacht, het peil van mazoutketels gemeten, geklust … maar ik krijg er waardering voor terug, en dat is het belangrijkste. Ik wil iets betekenen voor anderen. Ik moet daar verder niks voor terug hebben. Een zjat koffie of ne koek is al genoeg. Hoe ouder je wordt, hoe meer je mensen rondom je nodig hebt.”

Voorzitter van de seniorenraad Bertha De Vocht: “Het eerste wat mensen zeggen als we ze aanspreken voor (H)echt Arendonk, is ‘Ik heb niets nodig, en ik heb zeker niets te bieden. Ik kom gewoon eens horen hoe het werkt.’ Met wat geduld zoeken we naar hun passies. Het gaat vaak om dingen die ze al jaren niet meer deden.”
“Maar mensen babbelen niet graag over wat ze nodig hebben, maar liever over wat ze kunnen.”

Geen gewone vereniging

Bij ons is er echte betrokkenheid.

“Er is een groot verschil tussen ons en de klassieke verenigingen. Die bieden een activiteit aan aan de mensen. Ze bieden feesten aan. En daar kunnen mensen aan deelnemen. Er is een aanbod op een presenteerblaadje en mensen nemen deel. Bij ons worden er geen activiteiten aangeboden. Mensen bieden zich aan aan elkaar. Aan jou. Aan de groep. Er is echte betrokkenheid. Kan ik nog iets doen voor u?”

Lieve: “Heel veel mensen komen er bij via de mensen die er al bij zijn. Ze brengen zelf mensen aan van wie ze denken dat die ook iets zouden kunnen hebben aan (H)echt Arendonk.”